Blog Large Image
18953
paged,page-template,page-template-blog-large-image,page-template-blog-large-image-php,page,page-id-18953,page-child,parent-pageid-1815,paged-2,page-paged-2,stockholm-core-2.4,select-theme-ver-9.8,ajax_fade,page_not_loaded,,qode_menu_,wpb-js-composer js-comp-ver-7.6,vc_responsive

LOUISE’S LIGURIA: ONTDEK BORDIGHERA DOOR DE OGEN VAN CLARENCE BICKNELL

Houd je van bloemen aquarel en ben je in het pittoreske kustplaatsje Bordighera, begeef je dan eens in de fascinerende wereld van Clarence Bicknell, te vinden binnen de charmante muren van het Museo Bicknell!

 

Als fan van botanische tekeningen heb ik mij onlangs eens verdiept in het interessante leven van Bicknell, geleid door de zorgvuldig onderzochte biografie geschreven door Valerie Lester: Marvels: The Life of Clarence Bicknell, Botanist, Archaeologist, Artist, gepubliceerd in 2018. Met het bewonderenswaardige werk van deze vertaler en auteur als uitgangspunt, heb ik een beknopt overzicht gemaakt van het leven van Bicknell, dat zich grotendeels heeft ontvouwd in het prachtige landschap van Bordighera.

Ik nodig je uit voor een intrigerende reis om zijn werk te ontdekken.

 

Foto © Museo Bicknell Bordighera

 

Zoals de titel van Lesters boek al aangeeft, was Clarence Bicknell een veelzijdige iemand, een man van de 19e-20e eeuw; reiziger, botanicus, schilder, aquarellist, archeoloog, Esperantist en filantroop. Hij is in 1842 geboren in Herne Hill, niet ver van Londen, in een welvarende familie. Na zijn afstuderen met een Master of Arts in de wiskunde, werkt hij meer dan een decennium lang, als parochiepriester in Stoke on Terne. In 1878 reist Bicknell, dankzij kerkelijke connecties met de Anglicaanse kerk in Bordighera, de All Saints Church, voor het eerst naar de zonnige Italiaanse Riviera.

 

Foto Bicknell: Albumo de Konataj Esperantistoj, Anglican Church Bordighera: Jose Antonio, Wikimedia Commons

 

Dit is een tijdperk waarin de Franse en Italiaanse Rivièra, van Menton tot Genua, enorm populair wordt bij de Engelse elite. Een belangrijke bijdrage aan deze fascinatie zijn de suggestieve beschrijvingen van Ligurië in de roman Il dottor Antonio, van de Italiaanse schrijver en patriot Giovanni Ruffini (1807-1881).

 

Ruffini’s verhaal, voor het eerst gepubliceerd in Edinburgh in 1855, over de onmogelijke liefde tussen de Siciliaanse revolutionaire arts Antonio en Lucy, dochter van de Engelse aristocraat Sir John Davenne, speelt zich af tegen de achtergrond van het Risorgimento, de periode van de Italiaanse eenwording (1830-1870), en schildert een onweerstaanbaar beeld van Bordighera. In 1937 is deze roman verfilmd door regisseur Enrico Guazzoni, in de Cinecittà-studio’s in Roma.

 

Botanische bloemtekeningen Bicknell © The Fitzwilliam Museum, Cambridge, Creative Commons License (BY-NC-ND)

Voor Bicknell, die net als Lucy en haar vader in Ruffini’s roman in een paardenkoets over ratelende rotsblokken het stuk van het station van Ventimiglia aflegt richting Bordighera, is het, bij de eerste blik op het prachtige Bordighera en de Middellandse Zee, liefde op het eerste gezicht; hij besluit afstand te doen van zijn priesterschap en koopt er een huis: Villa Rosa.

Zijn grote passie voor plantkunde bloeit in deze levendige omgeving. Hij begint direct de lokale flora te catalogiseren door middel van ingewikkelde aquareltekeningen, waarvan de pure schoonheid nog steeds de kracht heeft om je de adem te benemen.

 

Daarnaast ontwikkelt Bicknell een diepe affiniteit met het Ligurische achterland en de bergen. Hij bouwt een huis, dat hij de naam Casa Fontanalba geeft, in de buurt van het dorp Casterino. Zijn documentatie en illustraties van prehistorische rotstekeningen ontdekt rond de Monte Bego en de Valle delle Meraviglie leveren hem internationale erkenning op onder archeologen.

 

De rotsgravure in de blauwe steen welke een stamhoofd zou voorstellen, (middelste fotoreeks hieronder, rechts), wordt bewaard in het Musée départemental des Merveilles de Tende.

 

Foto links Villa Rosa, Bettylella, CC BY-SA 4.0.,Wikimedia Commons, foto rechts Casa Fontanalba © Clarence Bicknell Association

 

Foto Monte Bego en rotsgravures Gregor Seither, CC BY-SA 3.0., blauwe steen: Philippe Kurlapski, CC BY 2.5., Wikimedia Commons

 

Foto © Museo Bicknell Bordighera

 

In het huis in de bergen creëert Bicknell het Casa Fontanalba Visitors Book, een bewijs van zijn artistieke talent en liefde voor de natuur, met levendige illustraties en een ruimte om te schrijven voor bezoekers. In een tweede gastenboek, The Book of Guests in Esperanto, promoot hij deze universele taal door hartverwarmende anekdotes op de linkerpagina te schrijven en rechts aquareltekeningen van bloemen te maken (pp. 153-182).

 

Foto cover visitorsbook: PW © 2020-2023, bloemen decoratie rechts © The Fitzwilliam Museum, Cambridge

 

Clarence Bicknell overlijdt in de zomer van 1918 in zijn geliefde Casa Fontanalba. Zijn levenloze lichaam wordt, in de schommelstoel op de veranda met het uitzicht op de bergtoppen dat hij zo heeft liefgehad, ontdekt door zijn toegewijde assistent en tuinman, Luigi Pollini, voor Bicknell eerder een vriend, dan een ondergeschikte.

 

Tegenwoordig wordt een deel van de artistieke erfenis van Bicknell bewaard in het Museo Bicknell, dat hij in 1888 heeft opgericht. Het is te vinden in een klein parkje achter een klassieke villa, die vandaag de dag de thuisbasis is van het Istituto Internazionale di Studi Liguri, in de Via Romana 39, Bordighera. In het multifunctionele gebouw, kan publiek genieten van diverse culturele evenementen, zoals exposities, lezingen en concerten, welke regelmatig worden georganiseerd (p.73).

 

Foto’s: © Museo Bicknell Bordighera

 

Begin mei 2022, zijn wij het Museo Bicknell gaan bezoeken. In de tuin word je in die maand begroet door het levendige paars van een enorme bloeiende Wisteria, ofwel; Blauweregen die de ingang van het museum omlijst. Ga je verder de tuin in, dan zie je unieke Ficus-soorten, torenhoge Afrikaanse palmen en een Jacaranda uit Zuid-Amerika, die allemaal de diversiteit van de flora van de wereld weerspiegelen.

 

Bekijk de museumbibliotheek en je vindt vitrines met originele brieven van Bicknell,  een enorme collectie boeken en kunstwerken over flora, plantkunde, vegetatie, speciale vissen en vogels, plus een betoverende vlindercollectie, zie foto hierboven!

 

Bronnen:

 

Valerie Lester, Marvels, The life of Clarence Bicknell, Botanist, Archeologist, Artist, Matador, Troubador Publishing Ltd., Leicester, Verenigd Koninkrijk, 2018.

 

Artikel Peter Bicknell, Clarence Bicknell, Essentially Victorian, toespraak gegeven door Clarence Bicknell’s achterneef, Peter Bicknell, in het Museo Bicknell in Bordighera, Italië, op 23 september 1988, als onderdeel van de viering van de honderdste verjaardag van de opening van het museum. https://www.clarencebicknell.com/images/downloads_news/clarence_bicknell_essentially_victorian_peter_bicknell_1988.pdf

 

Websites:

https://clarencebicknell.com/

http://www.museobicknell.com/

https://fitzmuseum.cam.ac.uk/

 

Tekst Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2023

Louise’s Liguria: Een voorproefje van Dolceacqua: geniet van de smaken van geschiedenis, kunst en cultuur.

Terwijl ik werk aan mijn handige reisgids voor jou, om zelf de verborgen juweeltjes van de Italiaanse Bloemenrivièra en het achterland te verkennen, hier alvast een nieuw Blog vol aantrekkelijke informatie over een prachtige en inmiddels wereldberoemd stadje: Dolceacqua!

 

Je vindt dit historische plaatsje, dat recht uit een sprookje lijkt te komen, ongeveer 13 km. landinwaarts van Ventimiglia

 

De naam vertaalt zich naar zoet water, een knipoog naar de schilderachtige rivier de Nervia die hier sereen door de vallei stroomt. Het authentieke stadje in de heuvels heeft oude wortels; archeologische vondsten wijzen op nederzettingen in dit gebied uit de ijzertijd. In de tijd van de Romeinen ontstond het oude kasteel Dulcius en na verloop van tijd veranderde deze naam in Dolceacqua.

 

Spring in je auto en rijdt langs de kust bij Ventimiglia landinwaarts naar boven via Vallecrosia en Pignoi San Rocco. In ongeveer twintig minuten word je omringd door de magie van Dolceacqua.

 

Vraag iemand naar dit prachtige stadje en ze zullen je wijzen op het Castello dei Doria, het kasteel van de Doria’s, een adellijke patriciërsfamilie die vanaf de dertiende eeuw veel politieke invloed had en heerste over Genova en omgeving. Pittoreske smalle straatjes leiden je naar het kasteel.

Het is even een klim, maar neem van mij aan; eenmaal aangekomen op de top, is het uitzicht op een panorama van weelderige wijngaarden en olijfgaarden, adembenemend!

 

           

 

Het kasteel, deels ruïne, deels gerestaureerd, biedt een bioscoop waar de geschiedenis en tradities van Dolceacqua worden verteld, en de Sala Doria-Grimaldi, waar je alles te weten kunt komen over de nauwe banden tussen deze twee families.

Er worden regelmatig tentoonstellingen gehouden; een groot succes was de tentoonstelling van 2022 gebaseerd op de brieven van Claude Monet (1840-1926), over zijn schilderkunst en plein air, in de open lucht, in dit gebied.

 

Een artistieke retraite

Je kunt hier niet om de invloed van deze legendarische Franse kunstenaar, die gecharmeerd was van de regio, heen. Monet, die in die jaren in Giverny, in het eoorden van Frankrijk, woonde, kwam in 1883 voor het eerst naar de Italiaanse Riviera. Nadat zijn Engelse vrienden hem het achterland hadden laten zien, werd dit deel van Liguria zijn muze. Weer thuisgekomen, realiseerde hij zich al snel hoe betoverd hij zich voelde, door de schoonheid van de Valle del Nervia, de kleuren van het landschap, de mediterrane vegetatie en de lichtinval in dit deel van Italia.

Niet veel later keerde hij terug van Giverny naar Dolceacqua, om te schilderen, ditmaal samen met collega-kunstenaar en vriend Auguste Renoir (1841-1919).

In een van zijn brieven, uit 1884 aan zijn vriend de kunsthandelaar Paul Durand-Ruel, over de inmiddels beroemde asymmetrisch gebogen brug in het centrum van Dolceacqua, schreef Monet:

” […] l’endroit est superbe, il y a un pont qui est un bijou de légèreté ”. ”

[…] Deze plek is prachtig, er is een brug die een juweel van lichtheid is”.

 

In hetzelfde jaar heeft Monet twee kunstwerken gecreëerd: Le Chateau de Dolceacqua (1884), dat zich nu in de collectie van het Musée Marmottan Monet in Parijs bevindt, en Le vieux pont sur la Nervia (1844), te zien in The Clark Art Institute, Williamstown, Massachusetts.

Wist je dat de gemeente Dolceacqua de exacte plaats heeft gemarkeerd waar Monet vroeger zijn schildersezel opstelde? Het is behoorlijk surrealistisch om de brug en het kasteel vanuit zijn perspectief te zien!

 

   

 

Elementen die verwijzen naar de invloed van de Doria-familie zijn hier ook te vinden:

       

 

Het verhaal van Lucrezia

Een historisch verhaal van moed en rebellie

 

Ben je een zoetekauw? Wanneer je Dolceacqua bezoekt, zorg er dan voor dat je de culinaire specialiteit, de Michetta, een dolce, een typisch Italiaans zoet broodje of brioche proeft, die overal in het dorp verkrijgbaar is. Dit broodje kent een bijzondere geschiedenis; het recept is ontstaan uit een middeleeuws gebruik, het Ius primae noctis, oftewel het recht op de eerste nacht. Volgens deze traditie eigent een landheer, in het geval van Dolceacqua, een markies uit de familie Doria, zich het recht toe om de dochter van een lijfeigene of een boer die op zijn land werkt, op de avond van haar huwelijk te ontmaagden.

Dit bizarre lot zou ook de mooie Lucrezia hebben getroffen, een negentienjarig meisje dat verloofd was met een jongeman genaamd Basso. Lucrezia verzette zich tegen de markies, die haar vervolgens liet opsluiten in de donkerste kerkers van het kasteel, waar ze verhongerde. Met de hulp van een bewaker kon Basso de privévertrekken van de markies binnendringen en deze letterlijk het mes op de adellijke keel zetten. De markies werd gedwongen een oorkonde op te stellen waarin hij officieel afstand nam van deze wrede gewoonte. Het in het Latijn geschreven document werd vervolgens naar de geestelijkheid van de San Giorgio-kerk gebracht en in dialect vertaald. Het certificaat werd opgehangen op het openbare prikbord zodat iedereen het kon lezen.

Dit alles zou in de nacht van 15 augustus zijn gebeurd. Om de overwinning en het verzet van de dappere Lucrezia te herdenken, besloten de vrouwen in het dorp iets te bakken. Terwijl ze bezig waren met bloem, eieren, olie en suiker, kneedden ze het deeg in de vorm van het vrouwelijke geslachtsorgaan.

Spontaan begonnen ze te zingen in het Ligurische dialect: Omi, au, a michetta a damu a chi vuremu nui, wat betekent: Mannen, vanaf nu geven we onze michetta aan wie wij dat willen. Wat bedoeld wordt met het woord michetta behoeft geen verdere uitleg…

 

De Ius primae noctis controverse

Het Ius primae noctis is onderwerp van historische discussie. Vooral in de negentiende en twintigste eeuw was het debat over het bestaan ervan populair. In die periode werd veel onderzoek gedaan door verschillende wetenschappers, die zich vragen stelden als: heeft het concept eigenlijk wel bestaan? Is dit feodale recht ergens vastgelegd in een wet? Is er een document dat dit bewijst? Is dit een echt gebruik van tribale samenlevingen of gewoon een mythe? Hoewel de meeste historici het er tegenwoordig over eens zijn dat het hier om een overgeleverd middeleeuws verhaal gaat, blijft het voor anderen een mysterieus onderwerp voor analyse. Wat denk jij?

 

Liefhebber van religieuze kunst?

 

Er zijn verschillende kerken te bezoeken.

 

In Dolceacqua zelf is de barokke Chiesa di Sant’Antonio Abate, daterend uit de vijftiende eeuw, een bezoek waard. Er zijn kunstwerken van Ludovico Brea (1450-1523), (La Santa Devota, 1515), en Bernardo Castello (1557-1629), (La Madonna del Rosario, 1582).

Vergeet niet om omhoog te kijken naar het decoratieve plafond.

 

 

In campagna, op het platteland, rond Dolceacqua kunt je een wandeling maken naar enkele andere kerken. De Chiesa di San Giorgio, op tien minuten lopen, bewaart bijvoorbeeld oude graven van de familie Doria, daterend uit de zestiende eeuw. Vanaf het kasteel van Doria via een pad door de olijfgaarden, na een wandeling van ongeveer 45 minuten, bereikt je het Santuario dell’Addolorata, gewijd aan San Gregorio, in de Morghe. Dan is er de Capella di San Bernardo, te voet ongeveer 25 minuten van het centrum. Hier kun je bijzondere fresco’s uit de vijftiende eeuw bewonderen.

 

Voor de meest actuele informatie over deze wandelingen klik op onderstaande site van de gemeente Dolceacqua.

 

Culinair genieten in Dolceacqua

Tijd voor een pauze? Terwijl je avontuur bijna eindigt, ga je naar de minder toeristische straten en trakteer je jezelf op een maaltijd in een van de lokale restaurants. Combineer je maaltijd met een glas Rosseso, de lokale rode wijn, die prachtig combineert met regionale recepten, en proost op een ongelooflijke dag. Salute!

 

 

Bronnen:

Bullough, Vern L. “Jus Primae Noctis or Droit Du Seigneur.” The Journal of Sex Research, vol. 28, no. 1, 1991, pp. 163–166. JSTOR, tegen betaling becshikbaar via:

https://www.jstor.org/stable/3812958?seq=1

Sector Cultuur van de gemeente Dolceacqua, Progetto a cura di Assessorato al Turismo e alla Cultura del Comune di Dolceacqua, via Roma, 50 – 18035 Dolceacqua (Imperia):

https://www.visitdolceacqua.it/

Foto’s: PW © 2023

Tekst Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2023

Louise’s Liguria: Il mistero di Altare.

Davide Papalini, CC BY-SA 3.0.

Altare is een van oorsprong middeleeuws bergdorpje in de Ligurische Apennijnen, zo’n 11 km. ten Noordwesten van de stad Savona. Het heeft zo’n 2000 inwoners, en het leven van alle dag kent hier een rustige pas. Toeristen komen er voornamelijk om te wandelen, of om op de mountainbike de heuvelachtige groene omgeving te verkennen.

 

Monte Burot, Pampuco, CC BY-SA 4.0.

 

Naast natuur om van te genieten, heeft Altare ook een bijzondere geschiedenis, het is bekend om het bewerken van glas, een mestiere artigianale, een ambachtelijk beroep, dat hier al sinds de elfde eeuw wordt uitgeoefend. Deze maestri vetrai, meester glasblazers, zouden het vak hebben geleerd van Franse meesters uit Orléans en Nevers. Anderen denken dat Benedictijner monniken de leermeesters waren. Tot 1823 heeft de Università vetraria bestaan, een gilde van glasblazers, vanaf 1864 verenigden zij zich in de Società Artistica Vetraria.

Bijzonder, want wanneer we het over Italiaanse glaskunst hebben, wordt meestal aan het Venetiaanse Murano glaswerk gedacht.

 

Villa Rosa, David Papalini, CC BY-SA 3.0.

Een mooie collectie glaskunst objecten gemaakt tussen 1750 en 1950, is te zien in het Museo dell’Arte vetraria Altarese, het museum voor glaskunst uit Altare. Ook kun je er de kunst van het glasblazen meemaken in de workshops die het museum organiseert. In het centrum vind je diverse cristallerie, winkeltjes waar je kirstalwerk kunt kopen.

 

Eind achttiende, begin negentiende eeuw, wanneer de Art Nouveau, die in Italia Stile Liberty, of Stile floreale wordt genoemd, zich in de kunst en de architectuur in Europa ontwikkelt, worden er in Altare twee villa’s in deze decoratieve stijl gebouwd;

 

Villa Agar, tegenwoordig een rusthuis voor gli anziani, voor senioren, en Villa Rosa, waarin het Museo dell’Arte vetraria Altarese, te vinden is. Op zich ook best opmerkelijk om in dit slaperige bergdorpje twee van die elegante villa’s aan te treffen, waardoor Altare in deze periode zelfs bekend heeft gestaan als la piccola Parigi, het kleine Parijs.

 

 

Twee auteurs uit Liguria die veel onderzoek hebben gedaan naar de geschiedenis van Altare zijn Giorgio Baietti en Luca Valentini.

In Liguria, zo vertelt Valentini, c’è molto di misterioso, is veel mysterie. Er zijn gebeurtenissen voorgekomen waarvan we weten dat ze daadwerkelijk hebben plaatsgevonden, doordat ze in antieke documenten zijn vastgelegd, zoals bijvoorbeeld de heksenprocessen in Triora, maar daarnaast onverklaarbare waarnemingen, sagen en legenden, die vallen onder de tradizione orale, en door mondelinge overlevering, worden doorgegeven, zoals bijvoorbeeld het mysterie van Altare over la ricchezza di Don Bertolotti, de plotselinge rijkdom van Monseigneur Bertolotti:

 

Giuseppe Bertolotti Remocorbaso, CC BY-SA 4.0.

Giuseppe Giovanni Bertolotti is in 1842 geboren in Cairo Montenotte, ca. elf kilometer noordelijk van Altare. Zijn vader is paardensmid, het gezin is arm. Na zijn opleiding aan het seminarie van Aqui Terme, gaat Giuseppe in 1865 aan het werk als dorpspastoor in Altare. Hij begint met het restaureren en verfraaien van de Chiesa di Sant Eugenio, die we vinden op het naar hem vernoemde piazza Monsignore Bertolotti.

Tijdens de werkzaamheden, die nog tot 1927 zullen doorgaan, vinden werklieden achter het grote glas- en loodraam een skelet, zittend op een stoel, de hielen tegen elkaar, en gedraaid naar het Oosten. Is dit een verwijzing naar een andere geestelijke, de Franse Bérenger Saunière uit Rennes Le Chateau, die na zijn dood, niet op een bed zou zijn opgebaard, maar in een gelijke houding, gedraaid naar het Oosten is gezet?

Anderen zien een verband met de Massoneria, de Vrij Metselaars, welke staand voor het altaar, met de hielen tegen elkaar, en gezicht richting Oosten, hun geloften zouden afleggen.

In het interieur van de kerk zijn de kruiswegstaties van de Via Crucis, antiorario, tegen de klok in, geplaatst. Een beeld van San Rocco, de patroonheilige van de glasblazers, blijkt een wond te hebben in het rechterbeen, terwijl dit volgens de traditie het linker moet zijn.

Allemaal vreemde vondsten. . .

Nog gekker wordt het wanneer niet veel later Bertolotti voor zijn zus Enrichetta de Villa Ager laat bouwen, voor Rosalia, zijn tweede zus, vervolgens Villa Rosa, en voor Cesarina, de derde zus, een palazzo op het kerkplein. Naast deze projecten voor zijn familie, financiert hij nog andere, zoals een kinderopvang en een meteorologisch waarnemingsstation.

Waar haalt een arme pastoor plotseling zoveel geld vandaan om dit allemaal te realiseren?

 

Chiesa di San Eugenio, Davide Papalini CC BY-SA 3.0.

Auteur Giorgio Baietti die, gefascineerd door dit verhaal, op zoek naar antwoorden, naar Altare is gereisd, ziet overeenkomsten met het mysterie van het Franse:

Rennes Le Chateau, waar in 1885 Bérenger Saunière aankomt om er te gaan werken als dorpspastoor. Net als zijn Italiaanse collega Bertolotti, vangt ook Saunière aan met de de restauratie van de kerk, de Sainte Marie Madaleine in zijn geval.

Onder het altaar zou hij hier mysterieuze perkament rollen met vreemde tekens hebben gevonden. De bisschop sommeert Saunière naar Parijs te komen om de tekens te laten ontcijferen, wat niet is gelukt.

Na terugkeer in zijn parochie, beschikt ook Saunière net als Bertolotti opeens over een enorme onverklaarde som geld. In het Sainte Marie Madaleine kerkje draait hij vervolgens de Via Crucis om en laat het wijwatervat vasthouden door een nare duivelse figuur. Boven de ingang, laat hij daarnaast de zin Terribilis este locus iste, deze plek is vreselijk, graveren, hier bedoeld in de zin van machtig, groots, sterk.

 

Over die plotselinge rijkdom en de gebeurtenissen die daarop volgden doen veel verhalen de ronde die bijdragen aan wat bekend staat als het mysterie van Rennes Le Chateau. Iemand die dit ook wilde onderzoeken is de Britste journalist Henry Lincoln, die vervolgens over zjjn bevindingen aldaar samen met thrillerauteurs Michael Baigent en Richard Leigh, een controversieel boek heeft geschreven: Holy Blood, Holy Grail (1982). Het verhaal suggereert, ondersteund door fantasierijke aannames, dat Jezus getrouwd is geweest met Maria Magdalena, en zelfs met haar kinderen heeft gekregen. Koninklijke afstammelingen daarvan zouden via een Franse lijn nog onder ons zijn en worden beschermd door een geheim genootschap; de Priorij van Sion. Het begrip de Heilige Graal, zou, volgens de auteurs, niet geïnterpreteerd moet worden als de beker met het bloed van Christus na zijn kruisiging, of als gebruikt bij het Laatste Avondmaal, maar als het Oud Franse woord sangreal sangbloed, real koninklijk, het koninklijke bloed van de afstammelingen van Jezus.

 

Reproductie van foto in Bibliothèque nationale de France (BnF), fotograaf onbekend.

Dan Brown heeft vervolgens ditzelfde thema verwerkt in zijn boek De Da Vinci Code (2003), In zijn roman noemt hij het plaatsje niet, maar er zijn wel verwijzingen naar Rennes Le Chateau. Een voorbeeld is de “conservator van het Louvre”, een van zijn romanpersonages, die hij de naam Jacques Saunière heeft gegeven. Wie hier meer over wil lezen, zie link onderaan dit artikel.

 

De documenten die Bérenger Saunière heeft gevonden, zouden deze theorieën, die de wereld op zijn kop zouden hebben gezet, hebben onthuld. . .

 

Heeft Bérenger Saunière, naar rondgaande verhalen fluisteren, daadwerkelijk dit enorme geheim ontdekt?

Is er een verband met zijn Italiaanse collega Giuseppe Bertolotti?

De twee pastoors hebben nooit een uitleg gegeven over hun rijkdom.

Zowel Bertolotti, als Saunière, blijven tot hun dood, in respectievelijk 1931 en 1917, werken in de eigen kleine dorpsgemeenschap, ondanks aanbiedingen voor hoge posities binnen de kerk.

Heeft de Rooms-Katholieke kerk hen beide met aanzien en geld de mond willen snoeren?

 

Noch het bisdom, nog historici of andere wetenschappers hebben deze overleveringen of het bestaan van de in Rennes Le Chateau gevonden documentende ooit bevestigd.

Inspirerende verhalen, waarheid, of mistero, mysterie? Dat mag jezelf beoordelen.

 

Illustratie-website Rennes Le Chateau, zie link onderaan artikel.

 

Artikelen:

Maria Vittoria Cascino, Misteri nella chiesa di Altare sulle tracce del Sacro Graal per Il Giornale.it, 14 Dicembre 2007.

https://www.ilgiornale.it/news/genova/misteri-nella-chiesa-altare-sulle-tracce-sacro-graal-179605.html

Valentina Fiore, Le vetrate di Villa Rosa: uno straordinario esempio di Liberty ad Altare in Alte Vitrie, brochure dell’Istituto per lo studio del vetro e dell’Arte vetraria, Altare, 2022.

http://www.museodelvetro.org/wp-content/uploads/2023/02/ALTE-VITRIE-brochure-2-2022-V1R2-HR.pdf

Voor wie Italiaans kent en verder wil lezen:

Giorgio Baietti, Lo specchio inverso, Edizioni Lindau, Torino, 2007.

Luca Valentini, I misteri della Liguria, Atene Edizioni, Arma di Taggia, 2017.

Foto’s glaskunst en interieur: Museo dell”Arte vetraria Altarese.

Overige websites:

http://www.comune.altare.sv.it/

http://www.museodelvetro.org/

https://www.rennes-le-chateau.fr/domaine-de-labbe-sauniere/

https://www.kuleuven.be/thomas/page/de-da-vinci-code/

Tekst Louise Helsloot MA © De Italiaanse Culturele Salon 2023.

Louise’s Liguria: Bordighera, la città delle palme

Voordat we bellissima Bordighera bezoeken. . ., in welk deel van Liguria ligt dit plaatsje eigenlijk?  Kijk maar even mee op de kaart:

 

De regio Liguria grenst in het westen aan de Franse Côte d’Azur, in het noordwesten aan Piemonte, in het noordoosten aan Emilia-Romagna en in het oosten aan Toscane. Haar hoofdstad is Genua en er zijn vier provincies: Genua, Imperia, La Spezia e Savona.

De Italiaanse Riviera is verdeeld in twee stukken: de eerste loopt van Menton via Ventimiglia naar Genova, de tweede van Genova naar de Golfo della Spezia. Het oostelijke deel wordt de Riviera di Levante genoemd; levante betekent het Oosten, en ook: stijgend, verwijzend naar de hoge en bergachtige kustlijn die je daar vindt. Het westelijke deel heet Riviera di Ponente, ponente betekent het Westen, en is bekend als de Riviera dei Fiori, de Bloemenrivièra, vanwege haar verbazingwekkende en kleurrijke flora. Niet ver van de Franse grens, zo’n kleine 7 km van Ventimiglia, vind je Bordighera.

 

Bordighera is echt zo’n stadje waar je terug in de geschiedenis lijkt te stappen. In Bordighera Alta kunnen cultuurliefhebbers hun hart ophalen aan kerken, klassieke villa’s en oude stadspoorten met de mooiste doorkijkjes. Het Italiaanse alto betekent hoog, en verwijst naar de locatie op hogere grond van dit gedeelte van la città vecchia di Bordighera, het oude, middeleeuwse deel van de stad. Je vindt er ook diverse restaurantjes.

 

In het achterland en langs de kust, kom je een vegetatie tegen die bestaat uit diverse  soorten palmbomen, daarom staat Bordighera bekend als la città delle Palme. Naast deze bijzondere palmbomenvegetatie, geven mooie, kleurrijke bloemen en cactussen de omgeving een exotische uitstraling. Aan de ruime boulevard, vind je hotels in de stijl en met de uitstraling van de negentiende eeuw. Voor zonaanbidders op weg naar een ontspannen dag aan zee, zijn er leuke strandbars die ligbedden en parasols aanbieden, waar je ook terecht kunt voor een lunch of een glas wijn.

 

Bezoek je de città vecchia, neem dan, op het schilderachtige Piazza del Popolo, echt even een moment om de unieke sfeer van dit stadje, waar het leven soms even stil lijkt te staan, in je op te nemen…

 

Davide Papalini, CC BY-SA 3.0., Wikimedia Commons

Op dit pleintje in het oude centrum, geniet je van jouw cappuccino of smakelijke Italiaanse pranzo all’aria aperta, jouw lunch in de open lucht, op een terras met uitzicht op de Chiesa di Santa Maria Maddalena, de kerk van Maria Magdalena, die dateert uit de zeventiende eeuw. De kerk is in ca. 1617 ingewijd, en  vervolgens in 1866 gerestaureerd. Volgens overgeleverde verhalen hebben de inwoners van Bordighera daarvoor het geld bij elkaar gebracht door hun kostbaarheden en juwelen te verkopen. Rond 1883 volgde weer een opknapbeurt, waarvoor zelfs de Franse architekt Charles Garnier (1825-1898), zijn ontwerpen heeft  aangeboden. De façade, in de stijl van de Rococo, is van 1906. Het fresco met een voorstelling van Maria Maddalena is uit 1742. Onduidelijk is van welke kunstenaar het oorspronkelijk is, maar wel weten we dat dit kunstwerk door Luigi Morgari (1857-1935), een kunstschilder van religieuze onderwerpen en vooral fresco’s uit Turijn, in 1922 is bijgewerkt. Let ook op het stucco ( het decoratief stucwerk), gemaakt door de architect Francesco Marvaldi (1647-1706).

 

Andere kunstwerken in het interieur zijn een marmeren Mariabeeld, la Maddalena in Gloria, een beeldhouwwerk van Domenico Parodi (1672-1742), een leerling van Bernini. Het drukt de opname in het hemelse rijk van Maria Maddalena uit. Zij heeft open armen, is in vervoering en door engeltjes omringd.

Daarnaast worden er relikwieën van Sant’Ampelio, de patroonheilige van Bordighera, bewaard.

Deze Heilige is niet alleen in deze rol bekend in Bordighera, maar ook omdat hij, volgens de legende, de eerste uit Egypte meegenomen zaden van de Phoenix dactylifera, de dadelpalm in deze regio heeft geplant.

De kerktoren is vroeger gebruikt als wachttoren om piratenboten uit zee te kunnen zien aankomen en kreeg het uiterlijk zoals wij dat nu zien in de achttiende eeuw.

 

En er valt in Bordighera nog veel meer te ontdekken!

In deze blog nemen we je ook mee naar:

de Villa Pompeo Mariani. . . 

 

Caruggi, die kleine smalle steegjes typisch voor historische borghi, leiden je vanaf het Piazza del Popolo naar de bijzondere Villa Pompeo Mariani, een indrukwekkende villa met tuinen waarin ook Claude Monet (1840-1926), enkele van zijn beroemde kunstwerken heeft gecreëerd, toen hij aan de Italiaanse Riviera verbleef bij zijn vriend, en eigenaar van dit huis, de kunstenaar Pompeo Mariani (1857-1925).

 

Ik voelde mij net  Alice in Wonderland toen ik voor het eerst de serene ommuurde tuin binnenstapte die deze villa omringt met haar honderden jaren oude waterput, olijf- en palmbomen, sinaasappels, citroenen en cactussen. Twee eeuwenoude olijfbomen staan hier na meer dan honderd jaar nog. Ze hebben model gestaan voor Studie van olijven (1884), een werk van Claude Monet, waarop deze bomen in elkaar verstrengeld als geliefden zijn te zien.

 

De Fondazione Pompeo Mariani, is de Stichting die zich inzet voor het behoud van de villa, de tuin en een werkplaats die door de kunstenaars is gebruikt. Dankzij hun inspanningen is de locatie grotendeels bewaard gebleven zoals deze was toen Mariani er woonde. Er wordt gewerkt om Villa Mariani op de Werelderfgoedlijst van UNESCO te krijgen.

 

Op initiatief van deze Stichting, zijn er replica’s van kunstwerken van Monet en Mariani op die plekken in de tuin gezet waar de kunstenaars hebben gewerkt; bij de olijfbomen en op het terras met een spectaculair uitzicht op de Middellandse Zee, de heuvels en de kust van Frankrijk. Monet en Mariani schilderden zoals zij toen deze omgeving zagen, en nu zoveel jaar later ervaar jij op deze magische plek dezelfde sensatie door hun ogen. . .

 

 

In de naast de villa gelegen studio, is het atelier, dankzij de grote inzet van Carlo Bagnasco, voorzitter van de Fondazione Pompeo Mariani, nog te zien zoals het er begin twintigste eeuw waarschijnlijk heeft uitgezien, compleet met originele schildersezels, paletten, kwasten, verftubes, en voorwerpen als poppen op standaard, boeken en hoeden.

 

 

Een absoluut unieke excursie die je niet wilt missen als je in Bordighera bent!

Bezoeken aan dit privéhuis zijn alleen op reservering. Zodra je een afspraak hebt gemaakt, kun je de koperen bel naast de ijzeren toegangspoort laten klingelen om vervolgens binnen te stappen in de geschiedenis van dit bijzondere huis…

Villa Mariani, Via Fontana vecchia 5, Bordighera, Italia. Phone: +39 347 236 4922

 

Meer Bordighera in mijn komende blogs!

 

Grazie a Carlo Bagnasco, Presidente della Fondazione Pompeo Mariani

Bron:

Marco Cassini en Giorgio Caudano, Bordighera al tempo di Bicknell e Monet, Fondi Storici dell’Archivio Fotografico dell’Istituto Internazionale di Studi Liguri, Bordighera, 2021.

Photos PW © 2023

Tekst Louise Helsloot MA © De Italiaanse Culturele Salon 2023