Blog Masonry Full Width
18972
page-template,page-template-blog-masonry-full-width,page-template-blog-masonry-full-width-php,page,page-id-18972,page-child,parent-pageid-1815,stockholm-core-2.0.7,select-theme-ver-6.7,ajax_fade,page_not_loaded,,qode_menu_,wpb-js-composer js-comp-ver-6.4.2,vc_responsive

Louise’s Liguria tip 4: Badalucco, paese dipinto o paese medievale?

Badalucco ligt op 250 meter hoogte in de Valle Argentina, ongeveer 34 km. landinwaarts vanaf Imperia en zo’n 18 km vanaf Triora waarover ik in mijn vorige artikel schreef.

Wat direct opvalt in dit middeleeuwse dorpje zijn haar pastelkleurige huizen en muurschilderingen, Murali (mura betekent muur) genoemd, die je overal in het dorp tegenkomt. Badalucco wordt daarom ook wel il Paese dipinto, het beschilderde dorp, genoemd. In de zomer van 2017 werd hier het Up Art festival georganiseerd, een evenement waarbij weer nieuwe Murali zijn aangebracht. Toch blijkt dat over deze muurschilderingen die enige jaren terug zijn ontstaan uit een lokaal idee om het dorp te restaureren, op te fleuren en toeristen aan te trekken, de meningen van de inwoners verschillen. Er zijn ook Baucogni (inwoners van Badalucco in dialect) die vinden dat door deze decoraties het authentieke cultuurhistorische karakter van het middeleeuwse dorp wordt ondermijnd.

 

 

Naast schilderkunst wordt er in Badalucco ook keramiek gemaakt. De Associazione Up Arte organiseert regelmatig exposities van het werk van diverse lokale artiesten in de Badalucco Art Gallery, wat extra kleur geeft aan een bezoek aan dit plaatsje. Daarnaast biedt de galerie diverse cursussen in pottenbakken, zie daarvoor de informatie op de FaceBookpagina van de galerie: https://www.facebook.com/UpArteBadalucco/

 

Over de herkomst van de naam Badalucco bestaan diverse theorieën, zo zou deze afstammen van Belladucius (Lt) dat oorlogszuchtig volk betekent, maar ook zou Baaluco of Badalucco afgeleid kunnen zijn van het Italiaanse werkwoord badare, zorgen voor, hier in de zin van: de wacht houden dat verwijst naar de functie die de gefortificeerde burcht heeft gehad in de 13e eeuw. Anderen zoeken de herkomst van de naam in Abdalucus zonder licht, refererende aan de schaduwrijke bosachtige omgeving. Daarnaast zou de verering van de Fenicische God Baal in een heilig bos in deze omgeving van invloed geweest kunnen zijn op het ontstaan van de naam Badalucco.

 

 

Het pittoreske dorp in de Colline Ligure wordt omringd door olijfgaarden, waar in oude olijfperserijen de olie van de Taggiasca olijven wordt opgevangen voor de lekkerste Olio d’Oliva Extra Vergine. Deze tradizione stamt al uit de laat zevende, begin achtste eeuw toen de Benedictijner monniken de grond rond Badalucco zijn gaan ontginnen en terrassen voor de oogst hebben aangelegd. De olijfperserij Frantoio ROI, een bedrijf dat al van generatie op generatie in dezelfde familie is, kun je op afspraak bezoeken om meer te weten te komen over de geschiedenis van de olijfolieproductie in Badlucco: https://www.olioroi.com/en/

 

Naast olijfolie staat Badalucco bekend om Il fagiolo di Badalucco, een kleine witte bonensoort die in veel gerechten wordt verwerkt en Rundin wordt genoemd in het lokale dialect. In de cucina rustica, de boerenkeuken van deze streek wordt deze vaak gecombineerd met capra (geitenvlees) en coniglio (konijn). Andere piatti tipici, streekgerechten uit Badalucco zijn bijvoorbeeld de Fiori di zucca ripieni, met mortadellaworst gevulde courgettebloemen uit de oven, Stoccafissu a Baucogna, een schotel met gedroogde stokvis, of A fogazza, een zoete focaccia, allemaal lekkernijen die naar traditionelele recepten worden gemaakt.

Er zijn dan ook diverse restaurantjes waar je van al dat heerlijks kunt genieten, zoals de osteria Cian De Bia bijvoorbeeld, waar je het menu eet dat de chef voor die dag heeft bedacht samen met een glas lokale wijn zoals il Vermentino, il Pigato of il Rossesehttps://www.ciandebia.it/ Ben je dol op paddenstoelenspecialiteiten dan kun je in het gezellige ristorante Ca’Mea je hart op halen. http://www.ristorantecamea.it/

 

Natuurlijk wil je ook de historische cultuur van het Badalucco ontdekken. De antieke Borgho met haar nauwe steegjes en overdekte doorgangetjes ligt langs de weg die vanuit het dal omhoog slingert. Vroeger was het dorp omsloten door een ringmuur met vijf poorten, de Porta di San Rocco, Porta del Pogetto, Porta di Beo, Porta del Castello en Porta di Santa Lucia, deze laatste bevindt zich op een brug, de Ponte di Santa Lucia. Meer stroomopwaarts aan de noordelijke kant van Badalucco ligt nog een brug de Ponte della Madonna degli Angeli, vernoemd naar de daar vlakbij gelegen Capella della Madonna degli Angeli.

 

De Ponte di Santa Lucia is een romaanse boogbrug waar in de kiezelstenen bestrating nog de oude karrensporen uit vervlogen tijden te zien zijn. De gebogen vorm doet denken aan de karakteristieke gebogen vorm van de rug van een ezel, althans zo verwoorden Italianen deze specifieke vorm: a schiena d’asino. De hier inmiddels vernieuwde paden, zijn dan ook aangelegd op de vroegere ezelspaden. Door haar bijzondere boogconstructie is de brug overeind gebleven en vormt een natuurlijke golfbreker voor de bergrivier de Argentina die hier als een kleine waterval over rotspartijen en stenen onderdoor stroomt.

Het kleine klokkapelletje erboven is in 1606 gebouwd ter ere van Santa Lucia, de Heilige Sint Lucia, de patroonheilige van de blinden. Binnen is een marmeren beeld van haar te zien. Op de naamdag van Santa Lucia, 13 december, prevelen veel dorpsbewoners wanneer zij er langs lopen uit gewoonte, voorzorg of piëteit een gebedje:

Salute e pan d’ordiu che Santa Lezia e ne cunserve a vista e l’audia – “Gezondheid en gerstebrood, moge de Heilige Lucia ons zicht en gehoor bewaren”!

 

In het historische centrum vind je op de piazza Duomo de Chiesa di Santa Maria Assunta e San Giorgio in barokke architectuur met zuilenrijen aan de voorgevel geconstrueerd door Giovanni Battista Oreggia di Prelà tussen 1683 en 1691. Het oorspronkelijke gebouw is waarschijnlijk ouder, rond 1308 werd er op deze plek al een kerk met de naam Santa Maria beschreven. Bij de daarop volgende aanpassingen is de monumentale deur gemaakt door Bartolomea Varenzi da Cenova in 1556 hergebruikt.

Binnen, in de enorme ruimte valt naast decoraties in gips en devotionele ornamenten uit de zestiende-zeventiende eeuw het grote altaar op, gemaakt door Gio Andrea Manni in 1697, dat geflankeerd wordt door twee grote marmeren engelenbeelden die toegeschreven worden aan de school van Bernini.

In de kapellen zijn schilderijen te zien van diverse kunstenaars zoals bijvoorbeeld van de Milanese schilder Giuseppe Massa, La Resurrezione di Cristo (1726), van Giacomo Rodi, La Madonna del Carmine e Santi ( begin 17e eeuw) en van Francesco Maria Narice, L’Assunzione della Vergine (1776).

 

L’oratorio dei Disciplinanti delle Stimmate di San Francesco, (1646) toont werken van Gio Paolo Marvaldi (1705) en in het Oratorio della Madonna della Misericordia (1701-1728) zijn decoratieve reliëf stucwerken te zien van Vincenzo Adami en fresco’s van Maurizio Carrega.

 

Buiten het dorp, panoramisch gelegen op de Monte Carmo vind je Il santuario della Madonna della Neve. Dit sanctuarium stamt uit de vijftiende eeuw en werd een bedevaartsplaats voor veel pelgrims nadat de Heilige Maria hier een blinde man zou hebben genezen. Ieder jaar op 5 augustus, de naamdag van de Madonna della Neve, wordt het houten Mariabeeld dat zich hier in de kapel bevindt in een processie naar beneden gedragen. Daarnaast worden hier de gevallenen van de Tweede Wereldoorlog herdacht.

 

Zoals in de vorige post over Triora, Dolcedo en Dolceaqua vermeld kun ben je in dit gedeelte van Liguria op je plek wanneer je van hiking en trekking houdt. Het Sentiero Balcone (SB) is een wandelroute van 135 km die in de provincie Imperia loopt van oost naar west langs de kust en deze met de historische dorpen in het achterland verbindt. De vroegere ezelpaden, zoals het originele pad van Cervo naar Dolceacqua bijvoorbeeld, zijn nu veranderd in een netwerk van aansluitende de wandelpaden. Van gemakkelijk te belopen paden in de Alpi del mare tot routes voor echte pro’s in de hogere Alpini dall’alto.

 

Ook vanuit Badalucco worden tochten met een Alpine gids georganiseerd, zoals bijvoorbeeld een mooie panoramische wandeling naar de Monte Carmo naar het bovengenoemde Santuario della Madonna della Neve.http://caiimperia.com/index.php/2-non-categorizzato/122-da-badalucco-al-santuario-della-madonna-della-neve#:~:text=Tempo%20complessivo%3A%205%20h. Deze is ongeveer 8 km, vertrekt vanaf Piazza Duomo in het centrum van Badalucco en voert langs typische stenen muurtjes, olijventerrassen, wijngaarden en door kastanje bossen. Terugkerend voert het pad je langs de antieke Chiesa San Bernardo (1443) en loop je over de Ponte degli Angeli weer het centrum van Badalucco binnen.

 

 

LAATSTE NIEUWS:

Naast de pandemie Covid 19 zijn in de Valle Argentina begin oktober de dorpen Badalucco, Montalto Carpasio, Molini di Triora en Triora zwaar getroffen door een enorm noodweer. Als gevolg van hevige regenval en harde wind is de rivier de Argentina buiten haar oevers geraakt wat een enorme modderstroom heeft veroorzaakt die veel schade heeft aangericht aan wegen en huizen. Er was geen elektriciteit, water en gas.

Ook restaurant Ca’Mea is beschadigd waarbij als door een wonder de antieke brug er tegenover niet is ingestort. Aan de journalisten van de San Remonews van 6 oktober 2020 vertelt eigenaresse Cinzia Antonio in de puinhopen hoe na deze verwoesting bij alle inwoners direct een gevoel van solidariteit en samenwerking naar boven is gekomen. Hoe zij als één familie elkaar steunen in deze moeilijke tijden en alles samen weer op zullen bouwen. Verslaggeving in het Italiaans is via de link te lezen:

https://www.sanremonews.it/2020/10/06/leggi-notizia/argomenti/cronaca/articolo/badalucco-il-ristorante-ca-mea-devastato-ma-ce-gia-voglia-di-ripartire-la-titolae-noi-ricos.html

 

 

Andrea Gandolfo, La Storia di Imperia, Blue edizioni s.r.l., Torino, 2005.

foto panoramica: Alessandro Vecchi – own work, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=18856817

foto ponte:https://www.sanremonews.it/2011/04/26/leggi-notizia/argomenti/altre-notizie/articolo/adotta-un-ponte-nel-ponente-di-liguria-e-non-te-ne-pentirai-il-ponte-di-badalucco.html

foto chiesa: Davide Papalini, opera propria, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1999158

foto oratorio: Davide Papalini, opera propria, CC BY-SA 3.0 <http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/>, via Wikimedia Commons

foto Madonna della Neve:https://www.riviera24.it/2010/08/giovedi-5-agosto-festa-della-madonna-della-neve-a-badalucco-90745/

Tekst en copyright Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2020

Louise’s Liguria tip 3: Triora, magisch bergdorp in de Valle argentina

Stregonella – Stachys recta

Ongeveer 47 km landinwaarts vanaf Imperia kom je na een rit over slingerende wegen aan in het pittoreske middeleeuwse bergdopje Triora in de Valle Argentina. De vallei is vernoemd naar de Argentina, een bergstroom die hier in de Alpi Liguri bij de Monte Saccarello (2200 km) ontspringt.

Het natuurgebied maakt deel uit van het Parco Naturale regionale delle Alpi Liguri waar je kunt paardrijden, hiken en fietsen. Het park kent een prachtige flora en fauna, planten als de Vlierbes, Thijm, Rozemarijn en de Bergandoorn kom je hier tegen. Deze laatste plant wordt in deze regio Stregonella of Erba della Madonna genoemd en staat ook bekend als het angstkruid: een boeketje ervan onder je kussen zou angsten verminderen. Tijdens een wandeling kun je hier ook wild zien zoals de steenarenden, damherten, gemzen of reebokjes.

 

In het oude centrum van Triora staan huizen gemaakt van leisteen in kronkelende steegjes. Ronde gebogen poorten leiden je hier naar zonnige pleintjes. In de zestiende eeuw was het bergdorp door haar ligging van strategisch, politiek en militair belang voor de republiek Genua waartoe zij behoorde. Aan de ruïnes die je er tegenkomt is dan ook goed te zien dat het plaatsje toen een gefortificeerde burcht is geweest.

Over de naam van het plaatsje vind ik diverse verklaringen: Triora tria-ora ofwel tre bocche, drie monden zou verwijzen naar de driekoppige helhond Cerbero in Dantes Inferno maar ook naar de drie rivieren die hier door de vallei stromen, de Corte, de Argentina en de Capriolo en naar de drie belangrijkste agrarische producten van deze streek: graan, wijn en kastanjes.

 

De gastronomie van Triora kent dan ook een heel eigen traditie. Van meel, water en zout worden er simpele pasta’s gemaakt die door de vorm net even anders zijn dan de gnocchi en orecchiette. Typisch zijn ook de ronde broden gecombineerd met een lekker Alpenkaasje, de Bruzzo, een soort ricotta-achtige kaas en de Toma di pecora brigasca, een platronde geitenkaas. Grano pestato, hand gemalen graan dat gekookt gecombineerd wordt met ui, prei en spek, bonenschotels en gerechten met ridderzwammen (Tricholoma portentosum) uit het bos maken hier deel uit van de tradizione della cucina povera. Deze oorspronkelijke keuken van de armen wordt inmiddels enorm gewaardeerd. Ook slakken en pizza’s, hier torta-pasta genoemd, met diverse kruiden, snijbiet, aardappel of courgettes al gelang het seizoen maken er deel van uit.

Triora is daarnaast bekend om gerechten met saffraan, kastanjes en om haar dolces , zoals de cubaita, een deeggebakje gevuld met hazelnoot, amandel en walnoot in lokale honing. De lokale wijn is de rode Ormeasco en de witte Bunde.

In het filmpje hieronder vertelt locoburgemeester en restauranthouder Gianni Nicosia over deze bijzondere keuken en streekproducten

Voor wie geen Italiaans spreekt heb ik zijn presentatie in de bovenstaande tekst even vertaald.

 

 

Naast een culinaire traditie heeft Triora ook een rijke geschiedenis. Belangrijk om te gaan zien in Triora: de Collegiata di nostra Signora Assunta kerk waar Il Battesimo di Cristo, geschilderd door Taddeo di Bartolo (1362-1422) te zien is. Het Santuario della Madonna del Ciastreo in Molini di Triora waar volgens de overlevering de Heilige Madonna aan een herderinnetje zou zijn verschenen en de Cabotina, plek van samenkomst van de baggiure in het dialect van Triora. Om te weten te komen wie dat waren gaan we voor nu naar de Cappella di San Bernardino da Siena, een kapelletje dat stamt uit de vijftiende eeuw en is opgericht ter nagedachtenis aan de Heilige Bernardinus van Siena (1380-1444). Deze Franciscaner monnik heeft in dit gebied rondgereisd en rond 1418 ook Triora bezocht om er te preken. Op de muren in de kapel zijn bijzondere fresco’s te zien. Al zijn ze niet allemaal meer volledig, de pastelkleuren en het beeld dat de kunstwerken uitdragen is indrukwekkend.

 

 

Een belangrijke afbeelding is Il Giudizio universale, een fresco waarvan gezegd wordt dat de kunstschilders Giovanni Canvesio (1450-1500) en Tommaso en Matteo Biazaci da Busca (data onbekend, rond 1474 schilderden deze broers in Liguria) er aan zouden hebben gewerkt. Op dit Laatste Oordeel is goed te zien hoe in deze tijd het concept van hemel en hel door mensen werd beleeft. Duidelijk zijn weergegeven de weg van het goede naar de hemel en die van het kwade naar de hel met alle gevolgen voor diegenen die de duivel volgden. De afbeelding van de Limbo (in Dante’s Divina Commedia de eerste cirkel van de hel) en La barca nella tempesta, Boot in de storm, geven daar een duidelijk beeld van. Hierop zijn demonische monsters te zien en een aantal vrouwen met mijters op hun hoofd  die samen met enkele ketters worden verbrand.

 

Volgens de Italiaanse historicus Paolo Portone, die al meer dan twintig jaar onderzoek naar heksenvervolgingen in Italië is deze voorstelling op de fresco een vroege getuigenis dat rond 1400 hekserij als ketterij werd beschouwd in dit gebied.

In 2014 verscheen in samenwerking met drie andere onderzoekers zijn boek La causa delle streghe di Triora. I documenti dei processi, 1587-1618. In het werk reconstrueert de auteur op basis van authentieke documenten, hoe in die jaren in een context van christelijk geloof en populair volksgeloof in Triora een bewogen geschiedenis heeft kunnen plaatsvinden waardoor het bergdorp ook bekend is als: Il paese delle streghe, het dorp van de heksen.

 

In de tweede helft van de zestiende eeuw waren kruidenvrouwen die zich de medicinale plantenleer eigen hadden gemaakt, genezeressen en vroedvrouwen heel waardevol voor Triora en de omliggende dorpen. Door hun ervaring met en kennis van heilzame kruiden die hier in de heuvels geplukt werden konden zij adviezen en medicatie geven voor de fysieke en mentale gezondheid van de dorpelingen en ook hielpen zij de dorpsvrouwen bij het baren. Zij vervulden dus een heel positieve en bijdragende rol.

In de patriarchale maatschappij waarin mannen domineren werden de activiteiten van deze bijzondere vrouwen in Triora door de academisch opgeleide mannelijke artsen uit Genua en de katholieke kerk als afwijkend van de gangbare norm gezien en dus als bedreigend. Naar hun overtuiging konden vrouwen nooit zelf zulke kwaliteiten ontwikkelen, die moesten zij hebben ontvangen van een hogere, demonische macht.

Toen in 1587 de graanoogst mislukt was, werd Triora getroffen door een enorme hongersnood. Al snel werd er gezocht naar wie of wat deze rampspoed kon hebben veroorzaakt. Daarop werden enkele vrouwen beschuldigd van hekserij. Het werd het begin van een reeks heksenprocessen.

 

In de waanzin die toen moet zijn ontstaan werden in Triora zeker twintig, later zelfs dertig vrouwen tijdens de Heilige mis door andere dorpelingen aangewezen als heksen.

De bijzonder commissaris der Inquisitie Giulio Scribani kamde de hele regio uit van Castelvittorio tot Montalto Ligure en Badalucco. Bekentenissen werden door martelingen afgedwongen waar veel vrouwen onder zijn bezweken. Enkele vrouwen in deze regio werden tot de brandstapel veroordeeld terwijl de vrouwen van Triora dit lot bespaard bleef. Zij werden verbannen naar de Torre Grimaldino te Genua waar de meesten in gevangenschap alsnog stierven van honger en ellende. In 1618 werden de heksenprocessen afgesloten en de laatste overlevende vrouwen vrijgelaten op voorwaarde dat zij zich zouden wijden aan het christelijke geloof.

 

In 2004 is het Museo etnografico e della stregoneria, het Heksenmuseum, opgezet. De tentoonstelling in het museum herinnert aan die heftige periode, geeft alsnog een stem aan de onschuldig veroordeelde vrouwen van Triora en benadrukt de toegevoegde waarde die zij voor de Italiaanse communes hebben gehad.

Daarnaast zijn diverse B&B’s, restaurantjes en winkeltjes in het dorp waar het heksenthema slim wordt doorgevoerd zoals de Osteria La loggia della Strega dat recent werd geopend en La Strega di Triora waar je lokale producten kunt kopen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Paolo Portone, Alfonso Assini, Paolo Fontana, Gian Maria Panizza, La causa delle streghe di Triora. I documenti dei processi, 1587-1618, Pro Triora Editrice, Triora, 2014.

Biografie: http://www.paoloportone.it/biography.htm

Informatie over Triora vind je op: https://www.trioradascoprire.it/triora/?lang=en

Video Triora: https://www.youtube.com/watch?v=fuTAau_XU_c

Illustratie Stregonella: Stregonella europeana.eu – CC BY-SA 3.0

Foto Capella di San Bernardino: https://www.trioradascoprire.it/portafoglio/si-prega/?lang=en

Foto vicolo Triora: https://www.e-borghi.com/en/curiosities/407/for-all-the-witches-of-the-village- of-triora.html

Foto bambole: https://forum.xcitefun.net/triora-italy-ancient-town-of-witches-t50813.html

Foto negozio: https://lastregaditriora.it/

Foto ristorante: Stefano Michero, https://www.sanremonews.it/ en https://cinque-valli.com/listing/osteria-la-loggia-della-strega/

Tekst en copyright Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2020

Louise’s Liguria tip 2: Dolceacqua

Vanaf Dolcedo is het ongeveer 70 km. richting Ventimiglia naar het volgende pareltje van deze streek: Dolceacqua:

Letterlijk vertaald betekent Dolceacqua, zoet-water dat zou verwijzen naar de rivier de Nervia die hier in het achterland door de vallei stroomt. Het authentieke plaatsje in de heuvels tussen Ventimiglia en Bordighera heeft oude wortels, zo zijn er archeologische vondsten gedaan die wijzen op nederzettingen in dit gebied uit de ijzertijd. In de tijd van de Romeinen ontstond de antieke burcht Dulcius en door de tijd veranderde deze naam in Dolceacqua.

Dolceacqua is vooral bekend om het Castello dei Doria, het kasteel van de Doria’s een adellijke patriciërs familie die vanaf de dertiende eeuw politiek veel invloed heeft gehad en heerste over Genua en het omliggende gebied. Daarnaast is er in het centrum een inmiddels wereldberoemde asymmetrisch gebogen brug te zien.

 

Claude Monet, Castello di Dolceacqua, 1884.

 

In 1883 bezocht Claude Monet (1840-1926) de Italiaanse Riviera waar hij door Engelse vrienden werd meegenomen naar het achterland van Liguria. Later zou hij dit gebied ook met zijn collega-schilder en vriend Auguste Renoir bezoeken. Monet was zo enorm onder de indruk van de kleuren, van de mediterrane natuur en de inval van het licht in Valle del Nervia dat hij er al gauw vanuit Givenchy opnieuw naar is teruggekeerd om te schilderen. Hij schreef er brieven over aan zijn vriend de kunsthandelaar Paul Durand-Ruel. Dwalend door het achterland heeft hij op een van deze reizen ook Dolceacqua ontdekt. Over Dolceacqua en de brug schreef Monet in 1884:

 

“ […] l’endroit est superbe, il y a un pont qui est un bijou de légèreté ”.

“ […] het is een prachtige plek, er is een brug die een juweel is van lichtheid ”.

 

Claude Monet, L’antico ponte sul Nervia, 1884.

In dat zelfde jaar maakte hij er twee kunstwerken: Le Chateau de Dolceacqua, (1884), dat zich tegenwoordig bevindt in de collectie van het Musée Marmottan Monet te Parijs en Le vieux pont sur la Nervia (1844) dat is te zien in het The Clark Art Institute, Wiliamstown, Massachusetts.

 

De gemeente Dolceacqua heeft de plaats waar Monet zijn schildersezel zou hebben neergezet gemarkeerd zodat je vanuit zijn perspectief naar de brug en het kasteel kunt kijken.

 

 

 

Bezoek je Dolceacqua dan moet je zeker de culinaire specialiteit proeven die er gemaakt wordt; de Michetta, een dolce, een typisch Italiaans zoet broodje of brioche dat je overal in het dorp kunt kopen. Het recept is ontstaan uit een opmerkelijke middeleeuwse gewoonte: het Jus primae noctis, ofwel het recht op de eerste nacht waarbij een landheer, in het geval van Dolceacqua een markies uit de Doria familie, zich het recht toe-eigent om een jonge dochter van een lijfeigene of een van de boeren die op zijn land werkt te ontmaagden aan de vooravond van haar huwelijk. Dit bizarre lot trof volgens de overlevering ook de beeldschone Lucrezia, een negentien jarig meisje dat verloofd was met een jonge man die Basso heette. Lucrezia vertzette zich tegen de markies die haar vervolgens in de donkerste kerkers van het kasteel liet opsluiten waar zij de hongerdood stierf. Met hulp van een wacht kon Basso doordringen tot de privévertrekken van de markies en zette hem een dolk op de keel. De markies werd gedwongen om een oorkonde op te stellen waarin hij officieel afstand nam van dit wrede gebruik. Het in het Latijn geschreven document werd daarna naar de geestelijken van de San Giorgio kerk gebracht die het vertaalden in dialect. De oorkonde werd daarna opgehangen op het openbare mededelingenbord waar iedereen het kon lezen. Dit alles zou gebeurd zijn in de nacht van 15 augustus.

 

Om de overwinning en het verzet van de dappere Lucrezia te blijven herinneren besloten de vrouwen in het dorp iets te gaan bakken. Toen ze zo bezig waren met meel, eieren, olie en suiker kneedden zij het deeg in de vorm van het vrouwelijke geslachtsorgaan. Spontaan begonnen zij in Ligurisch dialect te zingen Omi, au ,a michetta a damu a chi vuremu nui , dat betekent: Mannen, vanaf nu geven wij onze michetta aan wie wij zelf willen. Wat met dit woord in dialect bedoeld wordt behoeft geen uitleg denk ik…

 

Het Jus primae noctis is een controversieel onderwerp. Vooral in de negentiende en twintigste eeuw was het debat over het onderwerp populair. In die periode is er door diverse geleerden veel onderzoek naar dit onderwerp gedaan: heeft het Jus primae noctis ooit bestaan en is dit “recht” ook vastgelegd in een bestaande wet? Zijn er documenten die dit bewijzen? Gaat het hier om een gewoonte gebaseerd op die van tribale samenlevingen of om een mythe?

Vind je het interessant om daar meer over te weten? Dan zou je bijvoorbeeld onderstaand artikel kunnen lezen van de Amerikaanse historicus, seksuoloog, en emeritus hoogleraar aan de State University New York te Buffalo, Vern. L. Bullough:

Bullough, Vern L. “Jus Primae Noctis or Droit Du Seigneur.” The Journal of Sex Research, vol. 28, no. 1, 1991, pp. 163–166. JSTOR, www.jstor.org/stable/3812958: beschikbaar tegen betaling via: https://www.jstor.org/stable/3812958?seq=1

 

Naast de Michetta produceert men in Dolceacqua ook een eigen rode wijn, de Rosseso wijn die lekker combineert met regionale  boerenrecepten in dit gebied zoals een pizza gemaakt op basis van ei, lokale kaas, groenten en kruiden.

 

 

Video Dolceacqua, Italia.it.

Wil je meer weten over de geschiedenis van Dolceacqua? Download de brochure via de link:

http://www.dolceacqua.it/turismo/images/stories/immagini-fisse/Map-En.pdf

Met dank aan: Dolceacqua.it progetto a cura di Assessorato al Turismo e alla Cultura del Comune di Dolceacqua, via Roma, 50 – 18035 Dolceacqua (Imperia).

Foto’s kunstwerken Monet Dolceacqua:

http://www.dolceacqua.it/turismo/

Tekst en copyright Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2020

Louise’s Liguria tip 1: Dolcedo piccolo borgo medievale

Verscholen in het groen van de olijfbomen in de Valle del Prino ligt ca. 10 km vanaf Imperia het middeleeuwse plaatsje  Dolcedo. Door het centrum heen stroomt de Prino die het dorp in twee gedeelten verdeelt welke door vijf bruggen met elkaar zijn verbonden.

Loop eens over de mooie karakteristieke boogbrug de Ponte dei Cavalieri di Malta, de brug van de Maltezer ridders, die gebouwd werd in 1292 en waarvan het jaartal nog staat ingegraveerd in de rechter stenen wal.

Verwonder je over de bijzondere hoge bouw van de pastel gekleurde huizen terwijl je onder de bogen door wandelt langs de bergstroom. De overdekte dakterrassen van deze huizen werden in vroeger tijden gebruikt voor het drogen van fruit en paddenstoelen.

 

Je proeft hier nog echt de sfeer van vervlogen tijden en de traditie van het boerenleven. De beste olijfolie gemaakt van de regionale Taggiasca olijf komt uit Dolcedo. Neem een lekker flesje mee van Frantoio Ghiglione, het lokale familiebedrijf van Giuseppe Ghiglione dat al sinds 1920 bestaat en waar je tegenwoordig naast olijfolie en olijven ook leuke andere producten kunt kopen als gedroogde bosjes kruiden en olijfolie zeep.

https://www.frantoioghiglione.it/en/oil-mill/

 

Naast de olijfoliecultuur is in de veertiende-vijftiende eeuw het weven van sterke stoffen uit eigen gesponnen wol van economisch belang geweest voor Dolcedo.

Er werd van deze stof die arbasino of arbaxo genoemd werd werkkleding gemaakt. Volgens de tradizione is het dorpspleintje in die tijd een levendige plek geweest voor marktkooplui en handelaren die vanaf hun bancarelle, hun kraampjes, deze stoffen maar ook leer, touw en wijnen verkochten.

Tegenwoordig wordt er in Dolcedo ieder tweede zondag van de maand een antiek en curiosamarkt georganiseerd en ook één waar je diverse biologische producten kunt kopen.

Daarnaast elke week op woensdag een mercato alimentare met de lekkerste ingrediënten voor lokale gerechten. Wil je even pauze houden voor een lekkere pranzo of cena, jouw Italiaanse lunch of diner, dan zijn er in Dolcedo diverse restaurantjes te vinden van pizza’s bij da Lalla tot luxe ristoranti zoals de Osteria Maibon.

http://www.osteriamaibondolcedo.com/

 

     

 

Breng voor je weer vertrekt wel even een bezoek aan de Chiesa di San Tommaso. De monumentale deur met aan iedere kant zuilen in zwart steen stamt uit 1492. Na een langdurige restauratie door de architect Filippo Marvaldi kreeg het resterende gedeelte van de kerk in 1738 haar actuele barokke uiterlijk. In de kapellen zijn diverse kunstwerken te zien waaronder het werk San Pietro martire van de Genuese kunstenaar Gregorio De Ferrari (1647-1726).

 

       

 

 

Foto panorama Dolcedo:

https://it.wikipedia.org/wiki/Dolcedo#/media/File:Dolcedo.JPG

Jk4u59, Public domain, via Wikimedia Commons.

Foto Kerk in Dolcedo, chiesa di San Tommaso:

https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Dolcedo-chiesa_san_tommaso3.jpg

Di Davide Papalini – Opera propria, CC BY-SA 3.0.

https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=9734584

Di Davide Papalini – Opera propria, CC BY-SA 3.0.

Foto zeepje:

https://www.fratellirisso.com/

Overige foto’s:

PW © 2019

Tekst en copyright Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2020

.

 

.

Louise’s Liguria

 

SERA DI LIGURIA

Lenta e rosata sale su dal mare
la sera di Liguria, perdizione
di cuori amanti e di cose lontane.
Indugiano le coppie nei giardini,
s’accendon le finestre ad una ad una
come tanti teatri.
Sepolto nella bruma il mare odora.
Le chiese sulla riva paion navi
che stanno per salpare.

 

 

 

 

 

AVOND VAN LIGURIA

Langzaam en zachtroze valt boven zee
de avond in Liguria.
Weemoedig denken geliefden terug aan wat eens was
en dingen die ver weg zijn.
In de parken zie je op dit uur de stelletjes dromerig dralen.
Eén voor één gaan achter de ramen van de huizen de lichten aan
als in een theater.
Onder de opkomende nevel geeft de zee haar zilte zeelucht af.
De kerkjes langs de kust lijken op schepen
die op het punt staan hun ankers te lichten en te vertrekken.

 

Vincenzo Cardarelli
(La traduzione è mia – de vertaling is van mij).

 

 

 

Vincenzo Cardarelli (1887-1959).

De Italiaanse journalist, schrijver en dichter Vincenzo Cardarelli geeft in zijn gedicht La Sera di Liguria een sfeerbeeld van de zonsondergang aan de Ligurische kust. Cardarelli heeft een tijd in Liguria gewoond en hield van deze streek. Hij beschrijft dan ook het  invallen van de avond zoals hij het vaak gezien moet hebben; als een zacht avondlicht dat door de sfeer die het creëert je raakt in de ziel. Die romantische sfeer is voelbaar wanneer je in Liguria verblijft.

De mooie regio met haar rijke mediterrane vegetatie en steeds weer een andere baai die je verrast, heeft dan ook sinds tijden mensen geïnspireerd; kunstenaars, schrijvers, dichters, maar ook natuurfotografen, tuinarchitecten en culinaire experts.

 

Liguria ligt aan de Middellandse Zee, aan de Ligurische Zee om precies te zijn. De Italiaanse Rivièra grenst in het westen aan de Franse Cote d’azur, in het noorden aan Piemonte en in het oosten aan Emilia-Romagna en Toscane. Vanaf Genua naar het oosten wordt de Ligurische kustlijn de Riviera di Levante genoemd en vanaf Ventimiglia tot aan Genua de Riviera di Ponente bekend als de Riviera dei Fiori ofwel: de Bloemen Rivièra.

Zowel aan de kust als in het achterland van de Bloemen Rivièra is heel veel te beleven! Voor elke Italië-liefhebber is er in dit gedeelte van de Ligurische kust wel iets te vinden! Van de markt in Ventimiglia tot een culturele stedentrip naar Genua, luxe winkelen in het mondaine San Remo en Alassio tot genieten in meer gemoedelijke badplaatsen als Albenga of Loano.

In het achterland in de heuvels kun je middeleeuwse dorpjes bezoeken als Dolcedo en Dolceacqua.

 

Sportievelingen kunnen zich uitleven op diverse mountainbike en hike-routes die hier in de heuvels zijn uitgezet, terwijl langs de kustlijn ook genoeg minder intense wandelroutes te belopen zijn zoals de Via antica tussen Albenga en Alassio. Tussen Ospedaletti en San Lorenzo a mare is een pista ciclabile, een 24 km lang fietspad gerealiseerd om de kust veilig op de fiets te ontdekken.

 

Het openbaar vervoer is in dit gedeelte van Liguria goed geregeld. Voor mensen zonder auto rijden er regionale treinen en sneltreinen die de plaatsen langs de kustlijn verbinden. Eenmaal aangekomen kun je met een lokale bus of taxi overal komen. Houd wel rekening met zo af en toe een ritardo, een vertraging van je trein, maar ja, je bent op vakantie…

 

Ook voor watersporters is het er goed toeven met vele leuke haventjes in zicht. Je kunt zelf een boot huren, meezeilen of een ticket boeken voor een van de vele boottours die er aangeboden worden. Daarnaast kun je ook peddel surfen of onder begeleiding duiken naar een Romeins schip dat hier voor de kust ligt.

 

Wie dol is op mediterrane planten en tuinen kan hier ook het hart ophalen. Zoals bekend kent Italië heel veel bijzondere tuinen die behoren tot de mooiste en beroemdste van de wereld en daarvan zijn er in dit gebied een paar heel bijzondere te vinden, zoals I Giardini di Hanbury bij Ventimiglia.

Daarnaast kent Liguria een heerlijke keuken waar typische streekgerechten gecombineerd worden met Franse, Toscaanse en zelfs Arabische invloeden.

 

In de komende weken geef ik je tips voor attività da non perdere, activiteiten die je niet mag missenwanneer je in het prachtige gebied van de Riviera dei Fiori bent.

Houd de website van De Italiaanse Culturele Salon in de gaten!

 

Gedicht Sera di Liguria uit:

Cardarelli, Vincenzo, Poesie, Milano, A. Mondadori editore, 1942.

Foto’s: PW © 2019

Foto Vincenzo Cardarelli: Paolo Monti, Servizio fotografico (Italia, 1957), Fondo Paolo Monti conservato presso il Civico Archivio Fotografico del comune di Milano.

Tekst en copyright Louise Helsloot MA – De Italiaanse Culturele Salon © 2020

Ricetta: La minestrone di verdure

Nu de herfst zich aandient en het binnen in huis lekker warm en gezellig is, is dit een makkelijk en erg lekker recept voor een echte Italiaanse soep: de minestrone!

De heerlijke gevulde soep kent veel variaties, afhankelijk van het seizoen en de streek waar deze gemaakt wordt.

 

Ingredienti per 4 persone:

1 rode ui (una cipolla rossa)

1 teentje knoflook (uno spicchio d’aglio)

1 courgette (una zucchina)

1 kilo tomaten (un chilo di pomodori)

150 gram worteltjes (150 grammi di carote)

150 sperzieboontjes (fagiolini)

2 selderijstengels (sedano)

100 gram grote witte bonen (fagioli cannellini grandi)

handjevol pastaschelpen (pasta)

2 maggiblokjes voor groentesoep (2 dadi da brodo)

1 blikje tomatenpuree (concentrato di pomodoro)

Verse Italiaanse kruiden: salie (salvia) – basilicum (basilico) – tijm (timo) – rozenmarijn- (rosmarino)

 

Giet 2 eetlepels olijfolie in een grote soeppan, fruit hierin de gesnipperd de rode ui zachtjes aan, samen met de uitgeperste knoflook en de fijngehakte kruiden naar smaak. Vervolgens alle, in niet al te kleine stukjes gehakte groenten toevoegen, behalve de grote witte bonen en de tomaten en langzaam, onder af en toe omroeren laten aanfruiten in de olijfolie. Toevoegen 1 liter gekookt water, zodat de groente er net onder staat. Dit zachtjes laten pruttelen totdat de groente beetgaar is. Soepblokjes en tomatenpuree erbij doen en daarna de tomaten, bonen en pastaschelpen toevoegen.

Proeven, peper en eventueel zout naar smaak, goed omroeren.

Serveer de soep in een kom en maak af met een beetje geraspte Parmigiano Reggiano, buonissimo!